donderdag 19 juli 2012

Kutsla

Dat jonge sla tot zoiets verderfelijks kon leiden als kutsla, had niemand vermoed.
Ook de oude dichter niet.

Gister een documentaire gezien over de onlangs overleden dichter Rutger Kopland.
In de documentaire werd hem in een televisiefragment gevraagd of hij een gedicht van eigen hand wilde voorlezen.
Dit werd hem toegeschoven in een opengeslagen dichtbundeltje.
Hij had er duidelijk niet echt zin in.

'Moet ik dat echt voorlezen'.
'Het is het gedicht Jonge Sla, uw populairste gedicht'.
Ja, zie je hem denken, die kutsla. Wilde dat ik het nooit geschreven had.
'Ik heb nog veel meer gedichten geschreven' sputterde de dichter nog tegen.
Hanneke Groenteman (whats in a name?) zegt: 'ja, dat weten we, maar wilt u het toch voorlezen'.
Je ziet nog een beetje vertwijfeling bij de arme dichter, het willoos slachtoffer van zijn eigen product. Uiteindelijk geeft hij zich over.
Hij leest het gedicht over de kutsla op een tergend onverschillige manier op.
Het gedicht wordt niet gedragen, het wordt op de grond gesodemieterd.
Behalve bij het laatste woord. Bij het laatste woord is de dichter ineens weer helemaal kwiek en roept krachtig: nee.
Dat geeft het geheel alsnog een beetje sjeu.
Later in de documentaire rept hij over 'de kwaliteit van de stilte', waarmee hij impliceert dat hij helemaal geen zin meer heeft in die kutsla in september en dan nog liever naar de kwaliteit van de stilte luistert.
Als dichter zijnde verpakt hij zijn boodschappen natuurlijk (whats in a word?) in poëtisch verkapte taal, maar ik begrijp dat soort dingen.
Later in de documentaire, die eigenlijk best saai was, zegt hij nog: 'Ook lachen is een diepgewortelde gevoelsuiting'.
De man had echt iets met groenten.
De sla echter (en met name de jonge in september, slap nog, in vochtige bedjes), kon hij maar moeilijk verdragen.
Daarom is hij denk ik ook in de maand juli gestorven, omdat hij per se niet in september wilde overlijden.
Dat zal die kutsla leren.
Met hun vochtige bedjes.

© Jiska de Vries 2012